Stichting Naturisme Isabellagriend

Vissen Isabellagriend

Naast vissen komen ook andere waterdieren aan bod

Een monster van een Meerval.

meerval frontaal Deze monsterachtige grote vis, een meerval van één meter tachtig, troffen we op 5 april 2008 aan bij de Oolderplas. Enig onderzoek op internet laat echter zien dan een dergelijke grootte voor deze vis heel normaal is. Wij hadden dit soort grote vissen nog nooit in de buurt van ons terrein gezien. De vis haalde dan ook de pers, maar wij hadden de primeur met deze foto van Ad van Zeeland op onze site In latere jaren werd dit anders.

Blijkbaar is hij of zij gewoon doodgegaan en bij het zakken van de waterstand van de Maas achtergebleven op de kant.
De Europese meerval (Silurus glanis) ismeerval bek een vissoort die behoort tot de beenvissen (Osteichthyes), en wordt ook wel val of visduivel genoemd.
De meerval is een langgerekte vis met een afgeplatte bek, een vrijwel rolrond lichaam met een dikke buik en een zeer lange staart. De meerval heeft zes baarddraden aan zijn opvallend grote bek: twee zeer lange baarddraden vlak voor en boven de mondhoeken, en twee paar aan de onderzijde van zijn bek waarvan de achterste twee wat meer naar buiten staan.

meerval in geheelDe Europese meerval voelt zich het best thuis in rivieren met een wisselend waterpeil, maar ook in grote, diepe meren met ondiepe, uitgestrekte oeverzones kan hij zich prima handhaven. Het dier heeft een voorkeur voor ontoegankelijke, dicht begroeide wateren met een zachte bodem.
Hierboven de meerval in zijn of haar geheel; wel ontbreekt een gedeelte van zijn of haar staart .
Een jonge meerval leeft voornamelijk van ongewervelde diertjes die hij op de bodem vindt, maar ontwikkelt zich al vroeg tot een meesterlijk jager op grotere diersoorten die hij in het water tegenkomt. In begroeide wateren kan de meerval een flinke slachting aanrichten aan het bestand van zeelt. In troebele onbegroeide wateren zijn brasem, karper, paling en snoekbaars geliefde prooien. Meervallen kiezen ook vaak watervogels zoals meerkoeten, amfibieën en kleine zoogdieren als prooi. Voor de mens is de meerval volkomen ongevaarlijk.

Afmetingen van 150 tot 180 cm zijn voor een volwassen exemplaar van ca. 25 jaar onder de juiste leefomstandigheden heel normaal. De gevonden meerval wijkt dus niet af en de leeftijd kunnen we met bovenstaande gegevens uit Wikipedia dus ook ongeveer schatten. Sommige exemplaren overschrijden zelfs de twee meter. Er zijn verhalen over meervallen van 3 tot 6 meter, maar van vangsten van vissen langer dan 2,6 meter is geen enkel bewijs. Om een indruk te geven hoe zo’n vis er levend uit ziet hier een filmpje. Tot een lengte van ca. 130 cm is het een slanke vis, maar daarboven nemen omvang en gewicht drastisch toe.

In 2020 hebben bezoekers ook kleinere meervallen gezien in ons eigen plas de Isabellagriend.

Paaiende Brasems

Meer dan twee weken eerder dan in 2006 heeft zich al op 20-04-07  en de dagen daarna het paaien van de brasems afgespeeld in de Isabellagriend. Dit is altijd een spectaculair gezicht en geluid als je  al die brasems met elkaar bezig ziet en tekeer hoort gaan in het ondiepe water langs de oevers.

Een paar dagen later was het alweer voorbij en zijn de vissen weer verdwenen. Wilt u toch nog enkele vissen bezig zien met hun nobele arbeid dan kunt u dit filmpje bij Youtube bekijken dat we ervan gemaakt hebben.

Volgens diverse toeschouwers hebben ze in de verschillende jaren nog nooit zoveel vissen gezien in de plas bij het naaktstrand. Het deed hen goed, want het zegt ook het nodige over de waterkwaliteit. Die is blijkbaar uitstekend. Minder is echter dat een of andere ‘idiote’ onverlaat er blijkbaar in de hele vroege ochtend of late avond ongeveer 20 naar de kant heeft gehaald en daar op het droge heeft laten doodgaan. Enkele met de kop eraf. Schandalig.

Elk jaar hebben we daarna het paaien der brasems meestal wel waargenomen. We hebben ook ontdekt dat de temperatuur van het water een rol speelt bij de datum waarop het te zien is. We kennen ook het resultaat van de activiteit: duizenden wellicht miljoenen visjes in de plas.

 

Karper

29 Mei 2017 werd deze karper dood en drijvend midden in de plas ontdekt. Al zwemmend hebben we hem met een stokje voortduwend naar de kant gebracht. Vervolgens was het een heel karwei om hem op de kant te krijgen. Toen hebben we de karper gefotografeerd. Hij was wel 85 centimeter lang, dik en opgezwollen. Zwaarder dan een dertigponder, zoals ze zeggen. Tenslotte hebben we hem op een bladerhark en met schoppen met vereende krachten van meerdere bezoekers een definitieve rustplaats gegeven op een plek enigszins verwijderd van waar bezoekers komen. Hij zal nog wel wat stankoverlast geven.
Deze karper is de vierde of vijfde vis, die wij de laatste paar weken uit het water hebben gehaald ter voorkoming van botulisme.  Dit doet het bestuur altijd met dode vissen en dieren. Na de paaitijd van de vissen in de plas komt dit elk jaar wel voor.

Snoek

Zulke snoeken van bijna 1 meter zitten ook in de Isabellagriend. Deze snoek is op 1 september 2012 gevangen vanaf een boot in het Zuidelijke plasje Isabellagriend. In 2002 vonden we er eentje die nog iets groter was in het noordelijke plasje van de Isabellagriend. We stonden er toen wel even te kijken dat zo’n grote vis blijkbaar samen met ons in het water zwemt. De snoek komt in bijna alle soorten water voor, van de grote heldere meren tot de kleinste dichtbegroeide slootjes. Een volwassen snoek kan wel tot 1 1/2 meter lang worden, met een gewicht tot 35 kilo. Opvallend waren zijn scherpe tanden.

De snoek is een echte roofvis. Hij voedt zich met alle soorten vis, zelfs zijn kleinere soortgenoten zijn niet veilig voor zijn roofzucht, maar in het algemeen zijn het toch de zieke of zwakke vissen die aan hem ten prooi vallen. Niet vanwege speciale voorkeur voor deze vissen, maar omdat deze makkelijker door hem zijn te vangen. Deze eigenschap zorgt ervoor dat de visstand in water waar de snoek voldoende in voorkomt gezond blijft.

Een filmpje van een snoek bekijken kan hier bij de Digischool. Schrik niet, want hij lijkt zo op je af te komen.

Rivierkreeft

Wil je rivierkreeften tegen komen in de plas dan moet je ze weten te vinden. Soms zie je ze dood op de oevers en voor levenden dien je vaak een steen om te draaien. Meestal betreft het de Amerikaanse rivierkreeft met donkere kleuren zoals op de foto hiernaast. Sinds 1985 wordt deze exoot in  ons land waargenomen en hij veroorzaakt overlast. Deze dieren planten zich erg snel voort. Bovendien heeft deze kreeft nauwelijks of geen natuurlijke vijanden.

Het dier beschadigt waterplanten, verdrijft vissoorten en er zou sprake zijn van besmettingsgevaar door een schimmel die ze bij zich dragen. De kreeften tasten bovendien de bebouwde omgeving aan. Zo veroorzaken ze grote schade aan waterkeringen.

Een aantal gemeenten hebben in september 2020 gevraagd om een rivierkreeften-taskforce in te richten om de overlast te lijf te gaan. Er is echter ook nog een andere kant aan deze zaak: in restaurants in Amerika bijvoorbeeld worden ze opgediend als een delicatesse.

Paling

4 Juni 2013 haalden we deze dode paling aan de botenkant uit het water. Zij was 90 cm lang en met de dikte van een pols. Ze was al aan het vergaan en we hebben haar verplaatst naar een plek waar bezoekers normaliter niet komen.
De maximale lichaamslengte van een paling inclusief staart is bij mannetjes ongeveer 60 centimeter. De wijfjes worden tot 135 centimeter lang en 7 kilogram zwaar en ongeveer dertig jaar oud (Nederlands record). Ook lengtes tot 150 centimeter worden genoemd maar dit betreft zeldzame uitschieters, de meeste exemplaren zijn ongeveer een halve meter tot een meter lang. Kortom het was dus een dame op leeftijd.

Waterzakmosdiertjes

Gé Driessen ontdekte op 26 augustus 2019 iets bijzonders in het water van de plas en bracht dat ook in beeld. Hieronder ziet u een kolonie waterzakmosdiertjes en dit diertje is een anemoon. De kolonie zat aan een tak vast die Gé boven water heeft gehaald en dan zie je niet zo duidelijk dat het levende diertjes zijn. Het oppervlak van de kolonie bestaat uit individuele rozetten, die op hun beurt bestaan uit 12 tot 18 individuele dieren (zoöiden). Elk individueel dier is klein en filtert planktonorganismen uit het water met een krans van 60 tot 80 tentakels. Pectinatella magnifica komt vooral voor in stilstaand water, met optimale temperaturen boven 20 °C. Af en toe zijn er rapporten beschikbaar over het voorkomen van mosdieren in stromend water. In ongunstige leefomstandigheden worden permanente stadia (statoblasten) gevormd. Deze zijn bolvormig, met een diameter van een millimeter en hechten zich met 10 tot 12 haken aan de ondergrond.
Afmetingen: Kolonies tot ca 30 cm, aaneengegroeide drijvende, zakvormige massa’s tot wel 2 m (!) Kleur: Geelachtig of meer wit door de tentakelkransen, boven water bruinig. N.B.: De kolonies verspreiden een lichte visgeur.
Het is een exoot uit Amerika en is in 2004 voor het eerst in ons land aangetroffen in de Hunze-rivier. In Limburg (Roermond) zijn daarna ook al waarnemingen gedaan. De soort wordt verspreid met schepen, ballastwater, vis, binnenwatervisserij en -materiaal, hengelsportmateriaal en vermoedelijk ook via waterplanten en aquariumplanten en -materiaal.